Nou, nog eentje dan, met van die gevlekte bonte bloemen, voor de lol ervan.
Het rood kan een band vormen of meer als streken verdeeld zijn.
Door de RHS na een veldproef onderscheiden.
Net zo makkelijk als de rest.
Echt stevig nazomer vuurwerk heerlijk vlammend van ver.
Indian Summer is een magisch begrip in de VS. Het slaat op een opleving van de zomer in het najaar, ondersteund door de kleuren explosies veroorzaakt door herfstkleuren van met name Esdoorns.
Zonnekruid zorgt al iets eerder in de nazomer voor vuurwerk dat de herfst en winter voor weken op de vlucht jaagt.
De bloemen van deze zijn koperachtig bronsrood.
Die gekke naam is uit te leggen, in het kort:
Genoemd naar de Leusdense Molen waar de vinder Wilmink woont.
Inderdaad, een Nederlandse vinding.
Leuk gekrulde gele bloemblaadjes die in chocolade zijn gedoopt.
Een makkelijke plant waar ook de bijen van genieten.
Deze aangename klassieker, bloeit net als alle Helenium plotseling en heftig in een vrolijke warme kleur en is betrouwbaar onder alle weersomstandigheden. Een selectie van Mien Ruys omstreeks 1930.
Als deze hartverwarmende bloemenzee niet een van je jeugd herinneringen is, zorg er dan voor dat ze het wordt in je tweede jeugd.
In het najaar als ze bloeien heb ik er altijd spijt van dat ik er niet veel meer heb geplant. Het is zo'n feest dan.
'Rauchtopas' heeft opkrullende bloemblaadjes als om te verklappen dat ze van onder een andere kleur hebben.
Als beste gekozen tijdens veldproeven in Weihenstephan.
Dynamisch.
Bijzonder aansprekend met talrijke relatief kleine diep donker rode bloemen met een kastanjebruin hart.
Een nieuwe relatief lage cultivar die explosief, soms wat snel verbloeit.
Makkelijk, onverwoestbaar zelfs.
Een prairieparel.
Een bijzonder lage dwergvorm, zelfs geschikt als potplant, hoewel ik dat afraad omdat ze daarvoor iets te laat bloeien.
Vroeger waren ze allemaal heel hoog, deze nieuwe generatie is geselecteerd op geringe hoogte.
Kleine diep donker rode bloemen met losstaande bloemblaadjes.
Zeer laag dus en rijk bloeiend.
Gevonden door Kees Sahin in een veld van de gelijknamige zaadfirma en door Bob Brown van Cotswold Garden flowers benoemd naar Kees.
Vooral opvallend vanwege de lang aanhoudende bloei. Ze bloeien in november zeker nog als je ze in augustus een keer terug knipt.
De bloemen verkleuren van bijna helemaal geel tot bijna helemaal oranje. Hoe warmer het is, hoe meer oranje.
En eindelijk ook dwergjes onder de zonnekruiden.
Dit is echt een kleintje. Je gelooft je ogen niet.
Nog steeds niets voor potten omdat ze daarvoor te laat bloeien. Maar zoveel te meer voor de border waar ze nu pas in het najaar echt op de voorgrond mag staan.
Net zo makkelijk.
Deze in 2012 geïntroduceerde, Nederlandse vinding van Arie Blom behoort tot de nieuwe generatie dwerg-Helenium.
De bloem-blaadjes hebben een rafel randje en zijn een beetje opgekruld.
De kleur deed Arie denken aan de middagzon, vandaar de naam.
Heleniums zijn heel makkelijk en bijzonder vrolijkmakend. En deze al helemaal.
De achterkant van de bloemblaadjes (eigenlijk heten die lintbloemen) is rood, de voorkant oranje. Voor de lol krullen ze overlangs om.
Je mag ze eind mei nog een keer toppen, dan maken ze meer bloemen en wordt de plant bossiger.
Gevonden door Thierry Delabroye.
Echt rood is schaars bij vaste planten, dit is officieel dan ook een bladhoudend heestertje dat we voor het gemak vaste plant noemen.
Je kunt hier randjes mee beplanten of hoogteverschil maken in een zonnige border.
Het blad is aangenaam zilver grijs.
Een vuurtje voor je warm en zonnig randje.
Aan de voet van lavendel of andere zonaanbidders zijn deze bodembedekkers heel geschikt.
Deze heeft donkergroen blad.
Het is vrolijk ouderwets bruikbaar tuinspul.
De combinatie van romig zacht roze met grijs blad is heel bruikbaar tussen je lavendel of met andere droogte minnende planten.
Lieve bloemetjes voor er tussen.
Ze zijn sterk en makkelijk en ze dragen met hun vrolijkheid echt iets bij.
Na hun rijke bloei mag je ze graag eens terugknippen. Soms krijg je dan nog een vlucht maar in ieder geval zorg je zo voor vers blad en een volle plant.
Ook wel bekend als 'Red Orient'.
Het is een klein bladhoudend heestertje met kleine bloemetjes die een beetje op roosjes lijken. Helianthemum is nauw verwant aan Cistus. Je kan het zien als quasi inheemse miniatuur Cistus. Ze moeten in de volle zon anders worden ze slap en bloeien weinig. In de zon zijn ze heel makkelijk.
Deze is fabelachtig fel rood.
Dit is wellicht de meest grijsbladige en de witste die we hebben. En de ook de meest geliefde waar we nooit genoeg van hebben.
Knip ze voor of na de bloei. Vroeg snoeien doet ze later bloeien maar tegelijk de plant goed.
Zilver en wit; altijd heerlijk samen.
Ik ben verliefd, je komt haar dus ook regelmatig tegen in onze tuin.
Deze hebben we in 'het wild' gevonden in Zuid Spanje op 1000 meter hoogte.
Daar kan het stevig vriezen maar ook heel heet worden. Ze hebben zonder probleem al aardig wat narigheid doorstaan in onze tuin.
Een aanwinst dus. Deze mini-Cistus heeft grijs-groen blad en aangename gele bloemetjes.
Ze komt in het wild voor in het hele mediterrane gebied van Portugal tot Syrië.
Makkelijk, sterk, groot, maar niet omvallend, snelgroeiend, laatbloeiend, betrouwbaar en niet woekerend. Het is toch niet weer die geelvrees die je tegenhoudt?
Deze is citroen geel, moet kunnen.
Een vaste zonnebloem met heel veel relatief kleine bloemen.
Wat zet je ernaast? Probeer eens Eupatorium en Miscanthus.
Vroeger, zelfs 10 jaar geleden nog maakte ze maar heel af en toe bloemen. Toen vonden we haar al mooi genoeg met alleen dat fantastische blad. Tegenwoordig maakt ze drie tot vier meter hoge stengels en bloeit spectaculair in het najaar.
Het fijne smalle blad dat structuur brengt in de border was al genoeg reden om haar sinds 1996 te vermeerderen.
Je kunt haar ook in mei of juni halveren als je vooral dat blad wil. Maar ik vrees dat we de bloei ook daarmee niet meer kunnen voorkomen. Uit de zuidelijke staten.
Deze knolvormende Amerikaanse zonnebloem is de makkelijkste groente die bestaat. Bedenk goed waar je ze plant want ze blijven terugkomen zonder dat je daar iets voor moet doen. De zoete knollen bevatten inuline dat de gezondheid van je darmbacteriën stimuleert. Inuline wordt niet zoals zetmeel omgezet in suiker, en heeft dus geen invloed op je bloedsuikerspiegel.
Je kunt ze in de winter in de grond laten zitten en naar behoefte oogsten.
De smalle grijze blaadjes verspreiden een warme kerrie-achtige geur in de weide omtrek.
Echte kerrie is een kruidenmengsel dat hier niets mee te maken heeft, puur toeval dus die geur. Maar je kunt kerrie plant wel als vervanging inzetten. (Pas aan het eind toevoegen.)
Het zeer zilveren blad maakt mooie bolletjes als je een beetje helpt met snoeien.
Geurig bolletje zilver zomer en winter.
Deze spontane kruising tussen Helleborus orientalis subsp. abchasicus en H. niger subsp. macranthus werd in Frankrijk omstreeks 1998 gevonden in de tuin van Docteur Deken.
Het is een lage plant met vaasvaardige, zeer grote bloemen, bijna zo groot als een handpalm.
Een bijzondere primeur, vooralsnog zeldzaam omdat ze zich niet gemakkelijk laat vermeerderen.
Fenomenaal, een historische mijlpaal.
Helleborus argutifolius of H. lividus subsp. corsicus is een grote plant met schotelvormige groen-gele bloemen en getand blad. De meest heesterachtige, dus vertakkende, in het geslacht staat graag zonnig en droog. Ze levert veel pollen en nectar voor bijen en hommels.
Schaduwplant worden ze ten onrechte vaak genoemd. De meeste Helleborus soorten nemen dankbaar genoegen met weinig zon. Maar staan veel liever in de zon, zeker deze.
De fantastische zilveren vorm van deze mediterrane bladhoudende Helleborus, geintroduceerd door RD Plants uit Devon.
Na de bloei mogen in juni oude stengels tot de grond worden teruggesnoeid.
Voor een droge zonnige plek in je warme border.
Een botanische, wilde soort die dicht bij de natuurlijke oorsprong van het geslacht Helleborus staat en daarom ook wel is gebruikt in veredelingsprogramma's bij kruisingen met onder andere H. orientalis.
Dankzij zijn vroege bloei is ze waardevol als nectar- en stuifmeelbron voor vroeg actieve insecten zoals hommels en vroege wilde bijen.
Enkelbloemige, botanische vormen zijn vaak beter toegankelijk voor bestuivers dan sterk gevulde moderne cultivars.