Een Bourgati uit de Picos, Noord Spanje dus.
Eindelijk een met wat kleur op de wangen.
Paarsblauwe stengels en kransen, zilver geaderd blad dat langer mooi blijft dan bij de meeste kruisdistels.
Eindelijk een Eryngium bourgatii die meetelt in de eredivisie van de kruisdistels.
Kruisdistels behoren tot een van mijn favoriete geslachten. Met de toevoeging van Zuid Amerikaanse soorten gaat een nieuwe wereld open. Deze lijkt een soort mini uitvoering van Eryngium pandanifolium. ze is in alles fijner, maar heeft ook spits, yucca achtig blad en vertakkende bloemstengels met rode, in dit geval klein, maar fijne bloemhoofdjes. Ze verdraagt al jaren de winter in kleine potjes gewoon buiten op ons kweekveld hoog in de Aalbeekse bergen.
Sterk vertakkende bloemschermen met stevige prikkels. Zelf uitzaaiend, dus zeer gemakkelijk. Het is verrassend waar je ze telkens weer tegenkomt. Mocht je de onwaarschijnlijke wens ontwikkelen dit spontaneren niet langer te tolereren dan is dat ook goed te doen. Bij ons doet ze het geweldig in de wilde berm langs ons hoofdpad. Mevr. Willmott, de Victoriaanse tuindame, zaaide deze plant stiekem in tuinen die ze bezocht, twee jaar later was dit haar spook.
Een heerlijk makkelijk zilver tuinornament.
Ze zijn zo leuk en makkelijk die schijndistels. Ze zijn meer verwant aan peterselie dan aan distels maar dan met sierlijke stekels.
Dit is een schattig en makkelijk klein dwergje dat een mooi rond bolletje vormt met talrijke blauwe schermpjes.
Kabouterkruid.
De lang verwachte opvolger van 'Jos Eijking' ('Saphire Blue') die iedereen zo bewonderd heeft in de border bij onze winkel.
Gevonden in Preston, Lancashire, met wat grotere en misschien wel nog blauwere bloemen doet 'Big Blue' zeker niet onder voor de al zo fantastische 'Jos'.
Even sterk, betrouwbaar vast en combineert met alles.
Een van mijn allerliefste planten.
Eryngium x zabelii is de kruising van Eryngium alpinum x bourgatii met typisch veel grotere bloemhoofden dan beide ouders. Deze nieuwe werd gevonden door kwekerij Arends uit Ronsdorf.
'Violetta' heet zo vanwege het vleugje purper in de donkere stengels en bloemkroon.
Dat maakt ze misschien wel de donkerste van allemaal.
We hebben hier lang over getwijfeld.
Want koniginnekruid hoort gewoon groots te zijn, de bloemschermen net zo.
Maar deze belooft dat waar te maken in de kleinere tuin.
De bijen en vlinders zijn bijzonder blij met deze late dracht.
Een reusachtige landschapsplant voor de grotere tuin. Grote witte wolken in de nazomer. Subtiel, groots en heerlijk makkelijk en onderhoudsarm, precies wat je nodig hebt in een grote tuin.
Bijen hebben hier een bijzonder late dracht aan.
Geweldig materiaal voor grootse composities.
Een zeer makkelijke plant met veel impact. Fors, sfeerbepalend en standvastig maar ook compact en bloeirijk. Met dank aan Piet Oudolf voor de introductie in 2013.
Als in het najaar deze wolken op kleur komen brengt dat de tuin in een heel andere fase en sfeer. Het verrast me elk jaar weer aangenaam hoe alles ongemerkt ingrijpend verandert.
Als je er plaats voor hebt; planten.
Deze bevelen wij aan voor droge moeilijke plekken waar anders niets meer wil groeien. De stolonen kruipen zelfs op de ongunstigste plekjes nog gestaag maar niet problematisch verder.
Het blad ontwikkelt zich na de geurige bloei eind april en wordt in het najaar intensiever rood.
De bloemen hebben een sterke, heerlijk zoete geur.
Uit het wild in de buurt van Nice, natuurlijk.
Maar evengoed bijzonder sterk en winterhard. Bloei van begin zomer tot herfst.
Misschien wel de allersterkste en beste wolfsmelk van allemaal maar wel soms kortlevend.
Geef ze de ruimte, ze groeit breed uit. Het fijne naaldvormige blad knip je in het voorjaar diep terug.
Iedereen moet deze geweldige gele wolkjes planten.
Een uitstekend winterhard mediterraan grasje. De bloei is onbeduidend maar die heerlijke bolletjes bedekken de bodem zo lekker. Bijvoorbeeld tussen een paar heel speciale lavendels of andere aandachttrekkers. Wild te vinden in Zuid Frankrijk en Noord Spanje, rondom de Pyreneeën.
We gaan hier heel fijne borders mee maken.
Plant ze 30 cm van elkaar.
Een rustpunt puur voor de vorm.
Sierlijk bronsgroen blad en vrolijke vaasvaardige schermen, maar vooral ook een groente of keukenkruid. Alle delen van de plant zijn te gebruiken. Als vaste plant vervangt ze voor de gemakkelijke tuinier en minder kritische cuisinier de eenjarige dille, die aanzienlijk meer aandacht vraagt. Ze zaait zich als je de uitgebloeide schermen laat staan, rijkelijk uit.
Plant je ze niet voor jezelf, doe het dan voor de Koninginnenpage. Haar rupsen zijn dol op het loof.
Bijna niemand kan deze pakkende combinatie weerstaan van bruinrood blad en donker-roze bloemen. Tot diep in het najaar blijven de bloemen komen. Maar dan zou je ze eigenlijk beter niet planten. Weer en wind kan hun levenskaars danig doen dansen. Het geheim is: winterklaar maken in de zomer. Je moet ze een of meer keren in de zomer terugknippen om ze steviger te maken. Ze gaan dan snel weer bloeien.
De eerste, dus originele, spectaculair donkerbladige introductie van de jaren negentig.
Deze vegetatief vermeerderde kloon die de soort populair maakte is geselecteerd op rijke bloei en een iets meer compacte bouw. Verder als de soort, dus witte vlinders met wat rood op lange slanke stelen. Ze beginnen flink op te vallen als de herfst vordert omdat ze dan het hevigst van alles wat nog bloeit, bloeien.
Inmiddels zijn er veel compactere vormen maar deze blijft een topper.
Regelmatig terugknippen maakt de plant steviger. Ze gaat dan snel weer opnieuw bloeien.
Een statement van distinctie, deze zachte maar toch sterke, bijna struikvormende plant uit de rozenfamilie met los gepenseelde witte sterren als bloemetjes, en rode stelen.
Geneeskruid van noord Amerikaanse indianen die de wortels in september verzamelen.
Bovenal subliem plantgoed voor de onverstoorbare tuinier.
Een leuke nieuwe gevlamde vorm met wat mij betreft exact de juiste hoogte voor de borders waar ik ze in wil.
Zeer makkelijk en betrouwbaar en uitermate vrolijk.
Een spetterende schijnverschijning.
Nou, nog eentje dan, met van die gevlekte bonte bloemen, voor de lol ervan.
Het rood kan een band vormen of meer als streken verdeeld zijn.
Door de RHS na een veldproef onderscheiden.
Net zo makkelijk als de rest.
Echt stevig nazomer vuurwerk heerlijk vlammend van ver.
Die gekke naam is uit te leggen, in het kort:
Genoemd naar de Leusdense Molen waar de vinder Wilmink woont.
Inderdaad, een Nederlandse vinding.
Leuk gekrulde gele bloemblaadjes die in chocolade zijn gedoopt.
Een makkelijke plant waar ook de bijen van genieten.
In het najaar als ze bloeien heb ik er altijd spijt van dat ik er niet veel meer heb geplant. Het is zo'n feest dan.
'Rauchtopas' heeft opkrullende bloemblaadjes als om te verklappen dat ze van onder een andere kleur hebben.
Als beste gekozen tijdens veldproeven in Weihenstephan.
Dynamisch.
Bijzonder aansprekend met talrijke relatief kleine diep donker rode bloemen met een kastanjebruin hart.
Een nieuwe relatief lage cultivar die explosief, soms wat snel verbloeit.
Makkelijk, onverwoestbaar zelfs.
Een prairieparel.
Gevonden door Kees Sahin in een veld van de gelijknamige zaadfirma en door Bob Brown van Cotswold Garden flowers benoemd naar Kees.
Vooral opvallend vanwege de lang aanhoudende bloei. Ze bloeien in november zeker nog als je ze in augustus een keer terug knipt.
De bloemen verkleuren van bijna helemaal geel tot bijna helemaal oranje. Hoe warmer het is, hoe meer oranje.
Deze in 2012 geïntroduceerde, Nederlandse vinding van Arie Blom behoort tot de nieuwe generatie dwerg-Helenium.
De bloem-blaadjes hebben een rafel randje en zijn een beetje opgekruld.
De kleur deed Arie denken aan de middagzon, vandaar de naam.
Makkelijk, sterk, groot, maar niet omvallend, snelgroeiend, laatbloeiend, betrouwbaar en niet woekerend. Het is toch niet weer die geelvrees die je tegenhoudt?
Deze is citroen geel, moet kunnen.
Een vaste zonnebloem met heel veel relatief kleine bloemen.
Wat zet je ernaast? Probeer eens Eupatorium en Miscanthus.
Daglelies zijn volgens een bevriende sjieke Engelse tuindame not done. Althans dat vond haar moeder. Ze zouden ordinair zijn.
Ze zijn in ieder geval gemakkelijk en onverwoestbaar en als ze niet al te bont veel kleurig zijn vind ik ze absoluut kunnen.
Zeker in zo'n classy kleur.
Bovendien zijn de bloemen eetbaar